Motor rijbewijs – de regels

De regels zijn voor het motorrijbewijs zijn de laatste jaren nogal veranderd, hieronder kun je in de tabel zien hoe de huidige wetgeving is volgens het CBR.

 

Korte uitleg:

A1

Als je jonger bent dan 20 jaar, krijg je eerst te maken met de lichte motor (A1). Vanaf 17 jaar mag je daarvoor al theorie-examen doen. Op die leeftijd mag je ook al rijlessen volgen als je bent geslaagd voor je motortheorie-examen of je autorijbewijs hebt. Vanaf 18 jaar mag je de praktijkexamens (voertuigbeheersing en verkeersdeelneming) doen voor het rijbewijs A1.

Wanneer je minimaal 2 jaar in het bezit bent van het rijbewijs A1, kun je overstappen naar de middelzware motor (A2). Daarvoor hoef je alleen maar een praktijkexamen verkeersdeelneming te doen. Wanneer je minimaal 2 jaar in het bezit bent van het rijbewijs A2, mag je overstappen naar de motor met onbeperkt vermogen (A). Hiervoor moet je opnieuw een praktijkexamen doen.

A2 en A rechtstreeks
Je kunt ook rechtstreeks je rijbewijs halen voor A2 en A. Voor A2 moet je dan minimaal 20 jaar zijn, voor A minimaal 24 jaar. Voor beide categorie├źn moet je dan een theorie-examen en de twee praktijkexamens doen.
Zie: rijksoverheid.nl

Vanaf 24 jaar mag je direct opgaan voor het rijbewijs A (onbeperkt vermogen). Je moet dan een theorie-examen en twee praktijkexamens doen.

(Bron: CBR)

Mocht je twijfelen welke categorie voor jou het meest geschikt is, overleg dan even met onze motor instructeur welke weg de beste is .

CBR- EXAMENS

Theorie-examen: ook als je al een auto rijbewijs hebt, moet je een apart theorie examen voor de motor doen. Bij onze rijschool is een handige online set verkrijgbaar waarin de theorie op een makkelijker manier geleerd kan worden. In de theorie voor de motor wordt onder andere de positie op de weg besproken en de specifieke eisen van het voertuig.

De praktijkexamens zijn de volgende:

  • AVB- examen oftewel voertuigbeheersing. Tijdens de lessen leer je 12 oefeningen met de motor aan, waarvan er 7 getoetst worden op het examen. De oefeningen zijn verdeeld in 4 categorie├źn: lopen met de motor, langzame oefeningen (5), snelle oefeningen (3) en stopoefeningen (3). In elke categorie moet je je behendigheid voldoende kunnen laten zien. In totaal moeten er tijdens het examen 5 oefeningen behaald worden.
  • AVD-examen oftewel verkeersdeelname. Na het behalen van je AVB examen ga je je voorbereiden op je AVD examen. Tijdens dit examen wordt er onder andere gelet op
    • kijkgedrag
    • je plaats op de weg
    • bochtentechniek
    • of je de verkeersregels goed toepast
    • of je ook in het verkeer de motor beheerst

De examinator beoordeelt of je veilig en zelfstandig kunt deelnemen aan het verkeer en voldoende anticipeert op het overige verkeer en mogelijke gevaren.

  • TTT oftwel Tussentijdse toets . In sommige gevallen is het verstandig een tussentijdse toets aan te vragen. Dit is echter niet verplicht. Voordelen kunnen onder andere zijn: leren omgaan met de spanning van een examen, maar zeker ook een goed onderbouwd advies krijgen van een examinator zodat je precies weet waar je nog aan moet werken.